Spijt is bemesting van het verlangen

Geplaatst op 12 augustus, 2013 

De volgende dag ben ik al vroeg wakker. Mijn tent staat tot ongeveer 10 uur in de schaduw dus ik kan nog lekker een paar uur slapen als ik dat wil. Maar dat wil ik niet want zonder enig intern debat of strijd zijn al mijn cellen het erover eens en scanderen: koninginnenrit, koninginnenrit, koninginnenrit…….

Om acht uur als de meeste campinggasten nog slapen, ben ik al onderweg. Bij een benzinestation gooi ik mijn tank vol, eet een broodje, koop er eentje voor onderweg en drink koffie. En dan het gas erop over de Autobahn. Ik passeer een punt dat ik vanuit de verte al vaak heb gezien. Het is een energiecentrale die vanaf een restaurant vlakbij het drielandenpunt in Vaals bij helder weer aan de horizon is te zien.

170 km later verlaat ik bij Koblenz de Autobahn en weet vanaf dat moment niet hoe verder. Ik weet wel waar ik heen wil maar niet precies hoe er te komen. Ik rij Koblenz binnen en zie even later een enorme rivier onder me. Ze is als een enorme slang die net iets heeft gegeten dat eigenlijk te groot is voor haar lijf.

Even denk ik dat het de rivier is die ik vandaag zo graag wil volgen maar het is de Rijn. Dan wordt het even lastig want ik wil terug naar een afslag die ik gemist heb richting Cochem. Cochem, zo weet ik, ligt aan de Moezel en dat is de rivier die ik zoek.

Na een rondje Koblenz zie ik weer een bord dat wijst in de richting van Cochem. Bij een benzinestation besluit ik even te stoppen om te tanken en de weg te vragen. Op zo’n moment ben ik mijn illustere leraar Duits bijzonder dankbaar dat hij me ooit zover heeft gekregen het beruchte boek ‘Wortschatz’ van buiten te leren. En zo komt het dat ik nog steeds weet dat het Duitse woord ‘etwa’ allerlei betekenissen heeft die je kunt onthouden aan de hand van het ezelsbruggetje BOEMS:

Aan dat woord heb ik op dat moment niks maar twee aardige mevrouwen helpen me op weg. Ik moet een brug oversteken en ze geven me twee plaatsnamen die me zullen leiden naar die prachtige weg vlak naast de Moezel. Ik rij verder maar zie geen brug. Wel een flinke rivier. Is dit…..? Ik stop, klap mijn vizier open en vraag aan een man die zijn hond uitlaat of dit de Moezel is. Het moet hebben geklonken als een toerist die in Parijs onderaan de Eiffeltoren vraagt of dit de Eiffeltoren is maar dat maakt me niks uit. De man knikt en ik ben blij. Ik heb de Moezel gevonden.

Vanaf nu kan het freewheelen beginnen. 10km later nog steeds geen brug. Hoewel de weg waar ik rijd prachtig is, zie ik aan de overkant van het water een weg die nog prachtiger lijkt. En dan zie ik aan de overkant in een groene heuvel met grote letters de naam staan van één van de twee plaatsnamen waar ik op moest letten. Ik rij dus aan de verkeerde kant van de Moezel.  Nu snap ik ook de opmerking over een brug: ik had terug moeten rijden en daar via een brug de Moezel oversteken.

Ik keer om en ben weer in de drukte van Koblenz waar ik wel de bewuste brug vind maar geen enkel bordje met daarop één van de twee plaatsnamen. Ik ga hier en daar wat creatief om met de verkeersregels in een poging alsnog de juiste route te vinden. Dan stop ik met het belachelijke gedoe waar ik mee bezig ben. Ik kwam hier om van een mooie tocht langs de Moezel te genieten, wat maakt het uit of ik dat links of rechts van de Moezel doe? En dan nog wat: op  verschillende plekken zijn bruggen over de Moezel gebouwd om over te steken. Waarom moet ik dat per se hier in Koblenz doen? Dus ik eindig waar ik was begonnen: met de Moezel aan mijn rechterhand. De man met de hond is dan al weg. Misschien zit ie nu via Facebook wel te vertellen over die motorrijder die vroeg naar de Moezel.

Het freewheelen kan opnieuw beginnen. Dit is waar ik voor gekomen ben: langs de Moezel van Koblenz naar Trier.

En dan begint de spijt van gisteren zijn verhaal te vertellen. Dat het gezegde dat je beter spijt kunt hebben van iets dat je wel hebt gedaan dan van iets dat je niet hebt gedaan, niet waar is. Omdat spijt van iets dat je niet gedaan hebt je verlangen doet groeien om het alsnog te doen. Door de spijt over mijn bezoek aan Maastricht ben ik nu mijn koninginnenrit aan het maken.

En wat ben ik dan ook dankbaar voor die monteurs van Motoport die mijn motor elk jaar weer in uitstekende conditie houden, voor mijn keuzes lang geleden die me aan een motorrijbewijs hebben geholpen en voor de mensen die al die prachtige wegen hebben aangelegd. En wat te denken van fossiele brandstoffen? Meer dan prima om naar alternatieven te zoeken maar bij gebrek aan beter voor mijn motor kan ik er toch moeilijk bezwaren tegen hebben? Nee, dan is dankbaarheid  beter op haar plaats. En geld? Wat een geweldig spul is dat zeg, dat ik er alles mee kan betalen wat nodig is om zo’n prachtige tocht te maken.

De tocht door het Moezeldal is prachtig, met recht een koninginnenrit. Maar dat is het niet alleen vanwege de schoonheid want ongeveer halverwege voel ik dat het fysiek zwaar is zo lang op de motor en de warmte laat zich nu ook goed voelen. Stoppen doe ik alleen om te tanken, voor sanitaire bezigheden of om het broodje te eten en een paar slokken water te drinken. Hoewel er langs de Moezel overal toeristische dropjes zijn, heb ik geen zin ergens een uur op een terras te gaan zitten. Als ik zin heb om motor te rijden, dan wil ik ook rijden.

En zoals verwacht steek ik de Moezel verschillende keren over. Dan weer heb ik haar links en dan weer rechts. Beide wegen zijn even prachtig en liggen even dicht langs de waterkant. Het is hier prima rijden. In de dorpjes die ik passeer is het druk met toeristen maar op de weg is het heerlijk rustig en kan ik lekker doorrijden.

Bij Trier aangekomen is het mijn plan om toeristisch binnendoor naar Aken te rijden. Maar als ik een bordje snelweg zie in de richting van Bitburg is de verleiding te groot en kies ik voor de snelweg. Als ik veel later zie dat Aken dan nog 130 km rijden is en mijn benen genoeg hebben van steeds dezelfde houding, ben ik blij met mijn keuze.

De laatste kilometers rij ik door een stukje België waar ik vaker heb gereden. Het ziet er grauw en troosteloos uit. Dorpjes die iets uitstralen van: blijf hier weg want hier liggen verhalen verborgen die je beter niet kent.

Rond half vijf land ik op een terras bij het drielandenpunt. In de verte zie ik de energiecentrale die ik  ’s morgens ben gepasseerd. Ik pak de kaart en bekijk de route die ik heb gereden. Ik heb er zowat acht uur over gedaan, enkele korte tussenstops meegerekend. In mijn benen laat zich dat goed voelen. Ik bedank de spijt van gisteren en besluit voor morgen helemaal niks te plannen.

Bewaard onder Persoonlijk | 2 Comments

Tags: , , ,

Ruimte nemen en ruimte laten

Geplaatst op 10 augustus, 2013 

En dan zit ik ineens in de bus naar Maastricht. Weer zo’n mooie warme dag dat alleen al de gedachte aan een motorpak me doet voelen hoeveel poriën een menselijk lichaam wel niet heeft.

De dag begon met wat regen en in de verte het gerommel van onweer. Het zijn schijnbewegingen want het gaat heet worden vandaag. Ook al kom ik al jaren in Vaals, dat er ook een broodjeszaak zit van dezelfde keten als die zaak waar ik vorig jaar in Aken zulke lekkere (en goedkope) broodjes heb gegeten, is nieuw voor mij. Het assortiment van de vestiging in Vaals is kleiner maar de kwaliteit net zo fantastisch.

Dus een lekker broodje gekocht en op het terras koffie drinken en het dagboekschrift bijwerken. Gisteravond was ik op dit terras Frank Hamers nog tegen gekomen. Ik vertelde hem dat ik me op de eerste dag hier een moment had afgevraagd hoe de hele week hier door te komen en prompt schreef hij twee blaadjes vol met tips om met de motor heen te rijden. Die tips bewaar ik in ieder geval voor volgende jaren want ook vandaag zit motorrijden er niet in.

De wandeling vanaf het NS station in Maastricht en dan over de Maas naar het centrum is prachtig.  Maar dan. Dan sta ik ineens in een veel te drukke winkelstraat. Dit voelt niet fijn. Ik ben even kwijt waarom ik hier naar toe wilde. Oh ja, ik ben al vaker in Maastricht geweest en ook op motorvakantie maar dit is de eerste keer dat ik er alleen ben en zonder motorpak en heb dus alle vrijheid te gaan en staan waar ik wil.  Ik wil hier verdwalen en mezelf verwonderen in de Aken-stijl.

Na een korte herbezinning op mijn aanwezigheid hier op een terrasje, dat nadat ik er eenmaal zit ook al snel helemaal vol loopt, heb ik ruimte nodig en besluit hartje centrum in te ruilen voor een wandeling langs de rustigere plekjes van de stad. Die vind ik in de nabijheid van de stadsomwalling. Nog steeds centrum maar zonder dat gekmakende winkelpubliek.

Ik kan opgelucht ademhalen: dit is waar ik hier voor kwam. Na twee uur lopen eindig ik op het Vrijthof en ga er op een trapje zitten met zicht op terrasjes waar mensen nog niet de ruimte hebben een vork naar hun mond te brengen zonder in de knoop te komen met de vork van een ander. Ik wil hier nu zo snel mogelijk weg en heb al spijt dat ik toch niet de motor heb gepakt. Dan had ik nu tenminste de ruimte.

De wandeling terug naar het station gaat weer dwars door een aantal winkelstraten. Als ik zie hoeveel mensen hier op de been zijn nu het volgens de mensen die zeggen er verstand van te hebben, slecht gaat met de economie, dan wens ik dat het nooit meer beter gaat met de economie. Als ik weer in de bus zit en de chauffeur net voor vertrek de airco aanzet, kom ik weer een beetje bij. Maar wat voel ik me ontzettend moe zeg.

Waarom voel ik me hier zo moe en  voel ik in een stad als Aken onder vergelijkbare omstandigheden (ook druk, ook warm, ook lange wandelingen) juist veel energie? De energie in deze steden voelt heel verschillend aan. In Maastricht ervaar ik drukte die ruimte neemt en in Aken drukte die ruimte laat. Een verschil dat je niet ziet of hoort of proeft of ruikt maar wel voelt. Aken is energetisch gewoon meer mijn stad dan Maastricht. Met mensen kun je dat verschil ook hebben, dat iemands aanwezigheid om onverklaarbare redenen gewoon niet prettig aanvoelt en van een ander wel.

Spijt van mijn beslissing naar Maastricht te gaan heb ik niet meer. Mijn wandeling was mooi maar ik ben nu wel blij weer onderweg te zijn naar rustpunt Vaals.

Bewaard onder Persoonlijk | 2 Comments

Tags: , ,

Als bomen menselijke eigenschappen hadden

Geplaatst op 6 augustus, 2013 

Een wandeling door de Maastrichterlaan in Vaals is eigenlijk een wandeling door drie Maastrichterlanen.

De eerste is het voorste stuk van de Maastrichterlaan waar alles nog is zoals het was maar waar de platanen zijn omgehakt. De tweede is het middelste stuk waar alles nog is zoals het was en waar ook de platanen nog staan. De derde is het achterste stuk van de Maastrichterlaan waar alles al is zoals het wordt na de reconstructie. Op het eerste stuk voel je je bedroefd, op het tweede stuk blij en op het derde stuk boos.

Op het voorste stuk waar de platanen zijn omgehakt en waar de reconstructie nog niet is begonnen, steken korte stompjes uit de grond omhoog van wat eens machtige prachtige bomen waren. Maar ook die stompjes barsten nog van de levensenergie want er groeien alweer nieuwe bladeren aan. Als bomen menselijke eigenschappen hadden zou ik er een symbolische middelvinger in kunnen zien voor de hakkers.

Als ik het in Vaals over die platanen heb, wordt me niet zelden verzekerd dat er na de reconstructie nieuwe boompjes worden geplant in de smalle strook tussen beide rijbanen. Het werkt net zo heilzaam als een vriend of vriendin die je na het stuklopen van je relatie zegt dat er meer mannen/vrouwen dan lantaarnpalen bestaan.

Aan troostende woorden heb je niks want troosten betekent dat je niet mag voelen wat je voelt.

Bewaard onder Persoonlijk | Reageer

Tags:

Als je vertraagt heb je altijd tijd over

Geplaatst op 5 augustus, 2013 

Onderweg naar Aken stuur ik hem een sms’je hoe hij me kan herkennen want hij kent me immers alleen in motorpak. Een korte beschrijving van mijn persoonlijke hitteplan levert voldoende herkenningspunten op want hij stapt meteen op me af.  Vanaf het station wandelen we naar het centrum van de stad die we allebei zo prachtig vinden.

We wandelen door de stad, zonder plan. Als we verdwalen gaan we dat erg leuk vinden. Op een terrasje drinken we wat terwijl we de toeristen observeren die op en neer lopen tussen het raadhuis en de Dom. Voor wie weinig tijd heeft en even snel een ansichtkaartervaring van Aken wil opdoen kan in slechts een paar minuten van het raadhuis naar de Dom lopen en doen alsof Aken te hebben gezien.

Op een ander terras eten we pizza en maken daarna in de hoop alsnog te verdwalen nog een wandeling door de stad. Vlakbij het station begint het ineens flink te regenen terwijl de zon stevig blijft doen wat ze al zo’n vier en een half miljard jaar doet. Het samenzijn eindigt hier. Een trein brengt hem naar huis en ik neem mijn geliefde buslijn 50 die Vaals aan twee andere werelden knoopt: die van Aken en Maastricht.

Ik zou nu al tevreden kunnen zijn over deze blogpost want terwijl ik het schrijf zie ik de bijbehorende beelden en ben ik weer even in Aken, ben ik ook weer even terug in het samenzijn.

Op het pizzaterras zitten we onder een geel zonnescherm wat maakt alsof we alles door een gele zonnebril zien. Aan de kleur geel worden nogal wat eigenschappen toegekend zoals succes aantrekken, negativiteit uitbannen en wijsheid. Het is ook de kleur van het derde chakra dat onder andere betrekking heeft op persoonlijke kracht en zelfacceptatie.

Of het door onze gele wereld komt of door wat anders weet ik niet maar het onderwerp emotionele wonden valt op tafel,  wonden die je als kind oploopt in een disfunctioneel gezin, wonden die je als kind emotioneel helpen overleven maar waar je later maar al te graag vanaf wilt. Een dat je zelf mag ontdekken hoe je dat gaat doen en dat dit het meest liefdevolle en moedige is wat een mens voor zichzelf kan doen.

Als ik ’s avonds terug in Vaals mijn dagboekschrift vul met de ervaringen van die dag, herinner ik me wat hij in Aken vertelde over kunst. Dat mensen er steeds minder aandacht voor hebben, dat iedereen steeds sneller steeds meer wil en dat er zo weinig besef is van de kunstenaar achter de kunst, van de mens. En dat kunstenaars daardoor minder hun best doen iets echt moois te maken van wat ze doen.

Neem nou een foto. Mensen vinden het heel normaal 0,1 seconde naar een foto te kijken en meteen weer verder te klikken of, erger nog, de foto zelf te gebruiken zonder ervoor te betalen en zonder de naam van de fotograaf te vermelden. Maar die fotograaf maakte misschien wel een reis die foto te kunnen maken, vond een mooie locatie en installeerde zich daar met zijn apparatuur om geduldig te wachten op het ideale moment voor de foto. Die foto kan het resultaat zijn geweest van een dag werk, een dag uit het leven van een fotograaf, van een mens.

Terwijl ik het allemaal opschrijf hoop ik dat ik later, als ik erover ga bloggen, mijn eigen handschrift kan lezen. Als ik veel schrijf wordt het snel slordig omdat ik probeer mijn gedachten bij te houden met een pen. En dat raakt aan wat ik dan herken als de essentie van zijn woorden over kunst. Vertraag je leven en vertraag daarna nog meer. Net als een Tai Chi oefening: als je denkt dat je de oefening langzaam doet, doe de oefening dan nog langzamer.

Als je vertraagt heb je altijd tijd over. Wat geel zoals niet losmaakt.

Bewaard onder Persoonlijk | Reageer

Tags: , , , , ,

Het nationale hitteplan werkt: er is hitte

Geplaatst op 2 augustus, 2013 

Als ik ’s morgens vroeg op een terras tegenover de bushalte op mijn bus naar Aken wacht, wijst de thermometer een stukje verderop al 29 graden aan.  ‘Als dit klopt gaan we vandaag de 40 graden halen’ zeg ik tegen de barmevrouw en bestel koffie.

Ik zit hier heerlijk in de schaduw. Koffie, boek, dagboekschrift, zonnehoed en zonnebril, ik amuseer me wel. Dat boek is  een tegenvaller. Omdat ik zo enthousiast was over ‘Ventoux’ van Bert Wagendorp heb ik ‘De Renner’ van Tim Krabbé meegenomen op motorvakantie, een klassieker. Maar als ik na een paar bladzijden in de gaten krijg dat het boek tot aan het einde doorgaat zoals het begint, denk ik terug aan de middelbare school. Je had toen van die typische boeken die je voor Nederlands las en die je deden zweren om na je diploma nooit meer literatuur te lezen. Had ik ‘De Renner’ toen gelezen, dan had ik misschien ook een eed in die richting afgelegd maar ik las ‘De Vuilnisroos’ van Ben Borgart en ben dankzij dit boek blijven lezen. ‘De Renner’ heeft natuurlijk wel klasse, al is het alleen maar dat je er niet aan kunt ontkomen volledig in het hoofd van de renner te kruipen en met hem mee te fietsen.

10:24 uur: 32 graden
Ik schreef dat ik op de bus naar Aken zit te wachten, dat is helemaal niet waar. Die bus rijdt vier keer per uur en ik heb pas een afspraak in Aken om één uur vanmiddag. Ik zit hier gewoon heerlijk te genieten. Als dit wachten is, dan wacht ik graag nog heel lang en heel vaak en heel veel.

10:45 uur: 35 graden
Die afspraak in Aken is met M die ik een paar jaar geleden heb leren kennen via het bloggen. Ik ben blij dat we dit keer in Aken afspreken in plaats van in Kerkrade. Als de VVV van Kerkrade meeleest: doe iets aan die markt in jullie stad want wat is me dat een afschuwelijk saai plein zeg.

11:10 uur: 37 graden
Als dit zo doorgaat ben ik nog voorzichtig geweest met mijn schatting van 40 graden. Ik ben blij dat ik de motor op de camping heb laten staan. Als ik mijn been even uit de schaduw in de zon manoeuvreer, voel ik hoe heet het al is.

11:25 uur: 39 graden
We zijn de lichaamstemperatuur gepasseerd. Dit is een dag om al je overbodige herinneringen, pijn, verdriet en boosheid te laten verdampen. Zweet het allemaal maar uit.

11:40 uur: 40 graden
Nog niet zo lang geleden voorspelden weerdeskundigen dat de zomer van 2013 de zomer zonder zomer zou worden. Een lesje in nederigheid als de realiteit de deskundigheid verslaat knock-out slaat. En ook in dankbaarheid voor een zomer die uitbundig zomert. Het nationale hitteplan heeft gewerkt: er is hitte.

11:56 uur: 41 graden
Tijd om de bus van 12:05 uur naar Aken te nemen.

Bewaard onder Persoonlijk | 6 Comments

Tags:

De buren en hun verhaal

Geplaatst op 1 augustus, 2013 

Als ik wakker word zie ik een nieuwe tent naast de mijne staan. Twee sportieve fietsen verraden dat het een fietsvakantie betreft. Ze reizen in luxe: extra tentje voor alle bagage en ze hebben zelfs twee stoeltjes bij zich. Een vriend en ik waren samen ook eens op fietsvakantie in de Ardèche en hoewel het al heel lang geleden is, weet ik nog heel zeker dat een tentje voor de bagage en klapstoeltjes echt het eerste zou zijn dat ik thuis zou laten in plaats van het in de bergen omhoog sleuren.

De man heb ik ’s nachts wel gehoord. Snurken natuurlijk. En de vrouw zie ik bezig met koffie zetten. Ze lijkt me aardig en  bevestigt dat door koffie aan te bieden.

De volgende dag hoor ik hoe ze al vroeg hun tent afbreken. Als ik even later zelf ook opsta, zie ik dat de tent inderdaad weg is. De man ook maar de vrouw zit nog wat te lezen aan een tafeltje. Er staat nog één fiets. De twee klapstoeltjes staan er ook nog. We wensen elkaar een mooie dag toe en ik vertrek voor een afspraak in Aken. Ik reken erop de man nog in Vaals te zien, hij zal wel brood zijn halen of zoiets.

Als ik ’s avonds terugkom is de scene op de camping nog hetzelfde als ’s morgens. Dat wil zeggen: de vrouw is nog steeds alleen maar ze ligt nu in haar slaapzak op het gras te slapen. Aan haar bagage te zien heeft zij geen tent bij zich. Als ze wakker wordt vraag ik haar voorzichtig of ze zo laat nog gaat vertrekken. Ze antwoord dat ze nog twee nachtjes blijft.

De volgende ochtend ligt ze nog steeds op het gras, zonder tent. Zou ze dit uit vrije wil doen? Waarom is haar reisgenoot ervandoor met de tent? Hebben ze ruzie gehad? Is ze gedumpt? Relaties komen en gaan net zoals buren op een trekkersveldje maar je partner dumpen op een camping en er zelf met de tent vandoor gaan dat doe je niet.

Als ik ’s avonds terug naar de camping loop verzin ik onderweg woorden om haar voorzichtig te vragen naar haar situatie. ‘Ik wil me nergens mee bemoeien hoor maar….’ is de stomst mogelijke optie en valt als eerste af. Nee, een gemeend ‘Hoe is het met je…?’ en het dan aan haar overlaten waar ze mee komt lijkt me veel passender.

Terug op de camping kan ik alle opties laten vallen want ze is weg. Het heeft die dag wat geregend.  Jammer, we hadden zo leuk dramadriehoekje kunnen spelen. Zij in de rol van slachtoffer in ik in de rol van helper en er dan een wedstrijdje van maken wie als eerste overschakelt naar de rol van aanklager. Ik had kunnen winnen.

Of misschien voelde ze al aankomen dat ik haar zou vragen naar haar situatie en is ze op de vlucht gegaan voor een gesprek. Die strategie ken ik wel, mijn vader zou hem bedacht kunnen hebben

De twee stoeltjes heeft ze achtergelaten.  Die hadden ze sowieso niet mee moeten nemen, wie weet is de ruzie daarover begonnen. Dus neem van mij aan: ga je met de fiets op vakantie, laat stoeltjes thuis.

Aan de andere kant van mijn tent heb ik als buren twee jonge mensen uit België. Op een stokoude tandem zijn ze op reis naar Keulen en van daaruit willen ze naar Koblenz. Drie versnellingen hebben ze. Nee, geen dertig maar drie. En ze hebben geen stoeltjes bij zich. Die twee gaan het wel redden samen.

En dan de nieuwe buurman die op zaterdagmiddag ineens naast me staat. Komt helemaal uit Vlissingen naar Vaals voor een verjaardagsfeest van een goede vriend. Dat moet wel een heel bijzondere vriendschap zijn. Van alle relaties is vriendschap de meest duurzame zal hij er later over zeggen.

Ik ben nauwelijks op de camping, eigenlijk alleen om te slapen en zo af en toe een douche. Ik zie wel bijna elke dag buren komen en buren gaan maar ben te weinig op de camping om echt in contact te komen met de buren en hun verhaal.

Met bovenstaande alinea wilde ik deze blogpost beginnen maar ik heb me bedacht. Ook al ben ik weinig op de camping, aan verhalen geen gebrek.

Bewaard onder Persoonlijk, Verhaaltjes | 8 Comments

Tags: , , , ,

Sommige dingen mogen niet veranderen

Geplaatst op 31 juli, 2013 

In Vaals ben ik nieuwsgierig naar de reconstructie van de Maastrichterlaan. Vorig jaar hingen er nog overal affiches tegen deze reconstructie.

Die affiches zijn nu weg en, veel erger, de meeste platanen ook.  De eerste meters op de Maastrichterlaan ben ik in verwarring. Via een berichtje op Twitter had ik begrepen dat de reconstructie helemaal klaar zou zijn maar ik zie geen enkel verschil met vorig jaar.  Oh ja, toch wel: alle bomen zijn hier weg.

In het middelste deel van de Maastrichterlaan staan nog wel bomen, zo is Vaals zoals ik het ken: een plek om naar te verlangen, elk jaar weer. Verderop zie ik dat het gedeelte richting Aken  al helemaal klaar is, daar is Vaals zoals het gaat worden: zonder bomen, twee nieuw aangelegde rijbanen met daaronder nieuwe riolering en geen parkeerplaatsen meer aan weerszijden. Vaals zoals het gaat worden is saai en karakterloos.

Het karakteristieke hart van Vaals maakt plaats voor een tekentafelontwerp. Sommige dingen mogen niet veranderen. De prachtige bomen op de Maastrichterlaan bijvoorbeeld. Van meer veiligheid worden mensen niet blijer. Veiligheid is net als gezondheid: het is vanzelfsprekend als het er is en pas als er serieus gevaar dreigt gaat het een rol spelen. Nee, dan schoonheid, daar worden mensen wel blijer van.

Met lijn 50 vlug naar de schoonheid van Aken. Het is te warm voor op de motor. In Aken zie ik alle schoonheid die me vorig jaar zo beroerde. De schoonheid is er nog maar ook hier is iets veranderd dat niet mag veranderen: mijn beroering.

Gelukkig is daar die man weer die ik vorig jaar ook aan het werk had gezien. Hij speelt een rol, die van de door tegenslag en ellende gekwelde bedelaar. Als je die rol te veel en te lang speelt, wordt ie echt. Hij kan er nog uitstappen, dat heb ik vorig jaar wel gezien.  Nu zit hij er weer even in.

Bewaard onder Persoonlijk | 2 Comments

Tags: ,

Wat moet ik hier een hele week?

Geplaatst op 30 juli, 2013 

Om een uur of twee ’s middags zit ik er helemaal doorheen. Vanwege de warmte ben ik die ochtend extra vroeg naar de camping vertrokken. Ik vind een mooi plekje waar ik vaker heb gestaan:  op het trekkersveldje natuurlijk.  Hoef ik van te voren niet te reserveren, kan ik komen en gaan wanneer ik wil en heb ik bijna elke dag nieuwe buren.  Op de plek waar mijn tent komt te staan heb ik tot ongeveer tien uur schaduw.

Als ik sta kan mijn motorvakantie 2013 echt beginnen. Het begint natuurlijk al veel eerder met het bij elkaar zoeken van alle spullen en het volgen van de weersverwachtingen maar als ik eenmaal op de camping sta schakel ik om naar een modus die zich nauwelijks laat beschrijven en die ik gemakshalve maar ‘motorvakantie’ noem. Een woord waar elk jaar steeds weer nieuwe verrassingen in lijken te zitten. Vorig jaar was het Aken. Wat dit jaar?

Als alles staat het traditionele rondje door de regio rijden. Een tochtje van ongeveer twee en een half uur. Even het gevoel krijgen er weer te zijn en ook even wennen dat het in de heuvels anders motorrijden is.  Het is nog niet te warm, wel zet ik alle ventilatieritsen in mijn motorpak open om van de rijwind te kunnen profiteren. De jas gaat dicht tot ongeveer 30 cm van de bovenste knoop voor extra verkoeling. Het risico dat er een insect tegen me aan knalt en dat dat pijn kan doen, neem ik graag voor lief.

Als ik later in Vaals uit de Albert Heijn stap, van de verkoeling van de airco weer in de hitte, vraag ik me af wat ik hier in hemelsnaam een hele week ga doen? De vraag slaat nergens op want over een week heb ik alweer spijt dat ik terug naar huis ga. Misschien is het de warmte en uitdroging want tijdens het rijden wil ik wel eens onvoldoende pauzes nemen om te drinken. Dat laatste ga ik hier op het terras eens rustig oplossen. Meteen een mooi moment mijn dagboek te vullen met de eerste motorvakantiekrabbels. En dan schrijf ik meteen op dat de vraag wat hier een hele week te doen het verlangen aanwakkert om hier over een week inderdaad met veel spijt weer te vertrekken.

Bewaard onder Persoonlijk | 4 Comments

Tags: ,

← Vorige paginaVolgende pagina →