Of ik een krant wilde

Geplaatst op 11 november, 2013 

Ik had ze bij binnenkomst van de supermarkt al gezien maar in hun script stond dat ze  me pas bij het naar buiten gaan mochten aanspreken.

Of ik ook een krant wil…

Ik  geef  ze een kans: als er in jullie krant meer leuk nieuws staat dan vervelend nieuws wil ik er wel eentje.

‘Ik ben leuk’ zegt één van de twee dames.

En terwijl zij haar best doet zo leuk mogelijk te doen,  zit haar redactie alweer het vervelende nieuws voor de volgende dag te verzinnen.

Haar gratis krant moet ik niet maar voor haar verhalen wil ik best een paar Euro betalen in de vorm van een kop koffie. Kranten hebben geen toekomst, mensen en hun verhalen wel. Komen ze bij de redactie nog wel achter.

Bewaard onder Mening | 2 Comments

Tags: ,

Koopzondag

Geplaatst op 8 november, 2013 

Koopmaandag
Koopdinsdag
Koopwoensdag
Koopdonderdag
Koopvrijdag
Koopzaterdag
Koopzondag

Koopjanuari
Koopfebruari
Koopmaart
Koopapril
Koopmei
Koopjuni
Koopjuli
Koopaugustus
Koopseptember
Koopoktober
Koopnovember
Koopdecember

Koopdag
Koopnacht

Koopsamenleving
Koopmaatschappij
Koopcultuur
Koopeconomie
Koopgedrag
Koopmentaliteit
Kooppsyche
Koopvee
Koopzucht
Koopverslaving

Koopleven
Koopdood

Bewaard onder Mening | 8 Comments

Tags: ,

De ballast van loodzware informatiesilo’s

Geplaatst op 28 oktober, 2013 

Vroeger was het heel normaal dat als je in een bedrijf informatie nodig had, je daarom moest vragen. Een wandeling langs veel bureaus of een uurtje rondbellen om de informatie te vinden die je nodig had, het was heel normaal. En als je over informatie beschikte, dan hield je die voor jezelf.  Zo was je lekker belangrijk en hoe meer mensen bij jou aanklopten om informatie, hoe beter het was voor je carrière.

Ondanks de overvloed aan mogelijkheden die er tegenwoordig zijn om informatie te delen, werken veel bedrijven nog steeds zo. Die bedrijven staan barstens vol met zogenaamde informatiesilo’s, vaak dikke vette mailboxen waar informatie in zit die er alleen uitkomt als er naar wordt gevraagd en als de eigenaar ervan een goed humeur heeft.

En dit wordt nog steeds heel normaal gevonden. En dat is het niet.

Vroeger, door de beperkte technische mogelijkheden, lag de verantwoordelijkheid bij degene die de informatie nodig had. Nu is dat precies andersom, ligt de verantwoordelijkheid bij degene die over de informatie beschikt. Die hoort deze namelijk te delen, ook al wordt er niet om gevraagd.

Bedrijven die vol informatiesilo’s staan kun je hier aan herkennen: als er een informatieprobleem is, wordt degene erop aangesproken die er last van heeft dat informatie niet wordt gedeeld in plaats van degene die de informatie voor zichzelf houdt.

En dit wordt er nog steeds heel normaal gevonden. En dat is het niet.

Zinken zullen ze, deze bedrijven, zinken door de ballast van loodzware informatiesilo’s.

Bewaard onder Mening | 4 Comments

Tags: , , ,

Bouwoverlast in de wijk, probleem of tragiek?

Geplaatst op 18 oktober, 2013 

Als er midden in je wijk wordt gebouwd, kun je overlast verwachten. Veel overlast zelfs.

Volgens Paul Frissen, schrijver van het boek ‘De fatale staat’, mag je een probleem pas een probleem noemen als er een oplossing voor is. Is er geen oplossing, dan is er geen sprake van een probleem maar van tragiek. Tragiek kun je niet oplossen, je kunt je er alleen mee verzoenen.

Dus is overlast als gevolg van een bouwproject in je wijk een probleem of tragiek? De overlast is vervelend maar onvermijdelijk. Sommige overlast is wel degelijk te vermijden, ik noem uit eigen ervaring een paar voorbeelden.

Om half zes ’s morgens wordt een zware machine aangevoerd. Die machine wordt pas rond de middag op de bouwlocatie ingezet. Door de machine aan te voeren op het moment dat deze nodig is, is de overlast een stuk minder.

Vrachtwagens rijden af en aan, dat is onvermijdelijk als er gebouwd wordt. Die vrachtwagens moeten soms enkele minuten tot een half uur wachten voordat ze worden gelost of geladen en dat gebeurt vaak met draaiende motor. Door tijdens het wachten (en ook tijdens het laden en lossen) de motor uit te schakelen, is de overlast een stuk minder.

Aannemers komen vaak met busjes. Onvermijdelijk. Maar die hoeven echt niet op de stoep te worden geparkeerd waar ze de doorgang blokkeren. Verkeersregels zijn er ook voor aannemers toch? Leef ze na en de overlast is minder.

Een aannemer bezorgt huis aan huis een korte brief met daarin de mededeling dat ze de volgende dag al rond vijf uur ’s morgens beginnen met het opstellen van een betonpomp. Als reden geven ze aan dat ze genoodzaakt zijn zo vroeg te beginnen omdat het zo druk is bij de betoncentrale. Die brief wordt ’s avonds bezorgd. Zie dan nog maar eens maatregelen te treffen zoals bij voorbeeld je kinderen een nachtje bij oma laten logeren. Door zo’n brief eerder te bezorgen kan de overlast worden verminderd.

Nou moet je weten dat elke aannemer weet dat als je net voor de bouwvak een flinke fundatie wilt storten, je te maken hebt met drukte bij de betoncentrales. Om dan te zeggen dat ze vanwege die drukte helaas genoodzaakt zijn is de boel omdraaien. Ze zijn in die drukte terechtgekomen omdat ze een planning hebben gemaakt om precies voor de bouwvak het beton voor de fundatie te storten.

Later geeft via Twitter een andere aannemer als reden op dat ze vanwege de warmte zo vroeg moesten beginnen omdat het beton anders te hard droogt. Eerlijk zijn kan ook bijdragen aan het verminderen van de overlast.

Onvermijdelijke overlast is vervelend maar nog vervelender is de vermijdbare overlast. Het is juist deze vermijdbare overlast die ophoudt te bestaan als de aannemer zich beseft gast te zijn in de wijk en zich als goede gast gedraagt. Niks geen tragiek maar een probleem want het is oplosbaar.

Een spoedcursus volgen ‘verzoenen met het onvermijdelijke’ is natuurlijk ook altijd handig.

Credits: de tip over ‘De fatale staat’ van Paul Frissen kreeg ik van stripjournalist en blogvriend Michael Minneboo. Michael bedankt.

Een interview met Paul Frissen over zijn boek kun je bekijken via Uitzending Gemist.

Lees ook: Bouwen in harmonie met de omgeving

Bewaard onder Boeken, Mening | 2 Comments

Tags: , , , , , , , ,

Zelfs in het paradijs komt overlast voor

Geplaatst op 14 oktober, 2013 

Een tijdje geleden had ik een afspraak met iemand van de gemeente Oosterhout. Aanleiding was een e-mail die ik had gestuurd met daarin een aantal probleempunten zoals ik die in de wijk constateer. Tegenover me zat een prima kerel. Doet z’n stinkende best en struikelt zelf ook over allerlei bureaucratische hindernissen.

Het gebied waar jij het over hebt is een paradijs vergeleken met…..

Zijn vergelijking was even wat minder best. Het doet me denken aan een bedrijf waar een manager werkte die elk probleem waarmee hij werd geconfronteerd van tafel veegde met de metafoor van het halfvolle glas, een dooddoener van de buitencategorie.

Om het even concreet te maken voor wie bekend in Oosterhout bekend is: het gaat om de  vergelijking tussen de gebieden die bekend staan als Zuiderhout en Arkendonk, twee gebieden die met elkaar gemeen hebben dat er een winkelcentrum staat.

Dus ik op een vrijdagmiddag op de fiets richting de hel van Arkendonk.

Het eerste dat me er opviel was dat het er zeer schoon was. Op een verdwaald papiertje na was er geen zwerfafval en ook naast de prullenbakken lag geen afval. Het was er gewoon schoon zoals het hoort.

Het binnenpleintje van Arkendonk oogt een stuk gezelliger dan dat van Zuiderhout. Op Arkendonk staan op het binnenplein platanen met daaronder een stuk of drie bankjes. Het ziet er uitnodigend uit om even neer te ploffen en een praatje te maken  met wie er op dat moment toevallig naast je zit. Op Zuiderhout ontbreekt zo’n gezellig pleintje.

Een ander punt is dat er op Arkendonk geen leegstand is. Leegstand, zo vind ik, draagt bij aan een beleving van malaise. Op Zuiderhout staan op dit moment twee panden leeg waarvan eentje al geruime tijd.

Beide winkelcentra zijn qua architectuur vergane glorie uit wat ik schat de jaren zestig / zeventig van de vorige eeuw en dat zie je er meteen. Zuiderhout oogt wat opener en daardoor ruimer. Arkendonk is door het gebruik van gangetjes en paadjes wat onoverzichtelijk maar is duidelijk groter.

Wat Arkendonk ook anders maakt, is de aanwezigheid van een sporthal met zwembad.  Ook de wijk is anders, simpel gezegd is de wijk rondom Arkendonk rijker dan die rondom Zuiderhout.

Sommige problemen zijn hetzelfde zoals fietsers die in het voetgangersgebied fietsen en door vlak achter je heel hard te remmen laten merken dat ze vinden dat jij maar aan de kant moet.

Voorkom overlastTot slot heb ik gekeken naar de laad- en losplaatsen van de aanwezige supermarkten: een Albert Heijn en een Jumbo. Beide laad/losplaatsen liggen aan de rand van het winkelcentrum, die van de Jumbo grenst direct aan en woongebied, die van de Albert Heijn is daar wat verder van verwijderd. Hoe wordt overlast hier beperkt door de Jumbo: door een keurig instructiebord met daarop duidelijk vermeld de laad/lostijden. Op Zuiderhout  ontbreken instructies met betrekking tot laad/lostijden en daar wordt dan ook regelmatig misbruik van gemaakt.

Op grond van mijn observaties komt Arkendonk zelfs wat beter uit de bus dan Zuiderhout maar het blijft een momentopname. Zo weet ik niet of de laad/lostijden van de Jumbo worden nageleefd en of die gezellig bankjes op het binnenpleintje ’s avonds laat niet als een soort van luidruchtig open lucht café en/of coffeeshop worden gebruikt.

Mij maakt het niet uit hoe de gemeente Oosterhout een wijk noemt zolang ze de mensen die er wonen en de overlast die wordt gemeld maar serieus nemen. Zelfs als het paradijs meldt dat er overlast is.

Tip voor de gemeente Oosterhout: lees eens iets over de broken windows theory.

Lees ook: Waarom je overlast in je buurt of wijk beter wel kunt melden

Bewaard onder Mening | 2 Comments

Tags: , ,

Hey wijk, gedraag je als goede gastheer/gastvrouw

Geplaatst op 9 oktober, 2013 

In een aantal recente blogs heb ik het verhaal over wat ik graag wil dat er gebeurt als er midden in een woonwijk een bouwproject van start gaat, wel flink op het bordje van de aannemers gelegd:

De aannemer als goede gast in de wijk, dat gaat natuurlijk alleen werken als diezelfde wijk ook een goede gastheer/gastvrouw is. En dat waren we in de wijk niet.

Wat hadden we in de wijk kunnen doen?

We hadden de aannemers voor koffie met iets lekkers kunnen uitnodigen in het nabijgelegen wijkcentrum.  Dan hadden we daar persoonlijk kennis met elkaar kunnen maken en specifieke details over de directe omgeving van het bouwproject uitwisselen. Bijvoorbeeld: die meneer die op nummer X woont heeft last van astma. Als jullie met machines gaan werken die veel stof veroorzaken, waarschuw hem dan ruim van te voren zodat hij maatregelen kan nemen.  We hadden van te voren een buurtblog kunnen starten en de aannemers uitnodigen zich daar voor te stellen en om af en toe eens een gastblog te schrijven over het bouwproject. We hadden de aannemers voor de buurtblog ook kunnen interviewen.

Ik weet niet of zoiets in Nederland als eens is gedaan maar ik zie het helemaal zitten. Dan wordt bouwen in harmonie met de omgeving pas echt harmonie.

Bewaard onder Mening | 2 Comments

Tags: , , , ,

Bouwen in harmonie met de omgeving

Geplaatst op 4 oktober, 2013 

Een aannemer die aan het werk is op het terrein van een chemische fabriek of olieraffinaderij weet het: voorkom explosies. En die aannemer neemt maatregelen  zoals het gebruik van speciaal gereedschap dat geen vonken kan veroorzaken. Werken in harmonie met de omgeving heet dat.

Een aannemer die aan het werk is vlak naast een historisch gebouw weer het: voorkom schade. En die aannemer neemt maatregelen om schade door zware trillingen te voorkomen zoals het toepassen van boorpalen in plaats van heipalen. Werken in harmonie met de omgeving heet dat.

Een aannemer die aan het werk is in een waterwingebied weet het: voorkom vervuiling. En die aannemer neemt maatregelen om vervuiling van de bodem te voorkomen zoals het elders parkeren van voertuigen. Werken in harmonie met de omgeving heet dat

Een paar maanden geleden was er op het stadhuis van de gemeente Oosterhout een bespreking. Om de tafel zaten vertegenwoordigers van de gemeente, van een grote supermarktketen, van twee grote aannemers en van een winkeliersvereniging. Ik mocht er als omwonende van het bouwproject ook bij zijn.

Na het rondje voorstellen kreeg de directeur van één van de aannemers als eerste het woord. Grote tekeningen en planningen op tafel. Eerst de geruststelling dat ze ervaring hebben want in Waalwijk hebben ze ook z’n project gedaan bij een winkelcentrum, dat ze zo goed rekening kunnen houden met de winkeliers en dat die altijd bereikbaar zullen zijn.

Als hij het verhaal wil vervolgen met de planning en projectfasering onderbreek ik:

Vergeet u niet een partij?

Wie dan?

De omwonenden.

Oh ja, daar houden we natuurlijk ook rekening mee.

Maar u noemde ze niet.

En hij gaat verder met waar hij gebleven was.

Tegen het einde van de bespreking wil ik toch graag weten hoe het nou zit en stel een vraag: Waar kunnen de omwonenden aan merken dat er rekening met ze wordt gehouden?

Als non verbale communicatie geluid zou maken was ik nu doof geweest. De verbale communicatie bleef stil. Geen antwoord.

Heren aannemers, voor jullie de herkansing:

Een aannemer die aan het werk is midden in een woonwijk weet het: [vul maar in aannemer]. En die aannemer neemt maatregelen om [vul maar in aannemer].

Werken in harmonie met de omgeving heet dat.

Lees ook:

Bewaard onder Mening | 4 Comments

Tags: , , , ,

De economische crisis in de praktijk

Geplaatst op 3 oktober, 2013 

Het zijn van die winkeltjes waar we allemaal wel eens komen.  Niet vaak maar we vinden het wel handig dat ze er zijn die Bruna’s, Marskramers en DA drogisterijen bijvoorbeeld. En als ze om de hoek van de straat te vinden zijn, is dat helemaal handig. Je kent de mensen die er werken en je leert wat van hun bijzonderheden kennen en omgekeerd.

Tot zonder enige waarschuwing vooraf zo’n winkeltje ineens gesloten is. Gisteren kocht je er nog wat en vandaag is de boel dicht. Definitief.  Achter het raam hangt bedoeld als dankwoord een korte een afscheidsbrief.

De economische crisis in de praktijk‘, dat is wat er bovenaan de brief staat.

Het is verschrikkelijk je winkeltje te moeten sluiten. Voor een winkelier zijn zakelijk en persoonlijk leed als spaghetti slierten in elkaar verwikkeld, dan is er geen zakelijke kant en een persoonlijke kant. Er is maar één kant en dat is de pijnlijke kant.

Maar je kunt niet alles op het bordje van de economische crisis alleen leggen.

En dat zou ik graag in een kort betoog helder willen maken maar het lukt me niet. Het voelt als een trap na naar die winkelier die z’n leven nu zo drastisch veranderd ziet. Maar ik wilde het toch even zeggen: je kunt niet alles op het bordje van de economische crisis alleen leggen.

‘De economische crisis in de praktijk’, ik zal het maar interpreteren als pijnkreet en niet als analyse van wat precies de oorzaken zijn geweest.

Sterkte mannen.

Leestip: ‘Failliet ben je zomaar niet‘ van Edwin Mijnsbergen

Bewaard onder Mening, Ondernemen | Reageer

Tags: , ,

← Vorige paginaVolgende pagina →